Cognitieve achteruitgang bij epilepsiepatiënten zichtbaar door
blootlegging intelligentienetwerken in de hersenen
In Nederland hebben ongeveer 110.000 mensen epilepsie.
Epileptische aanvallen zijn het meest bekend, maar veel patiënten vinden
hun cognitieve stoornissen zoals problemen met geheugen, aandacht en taal
het meest belastend. Er is al veel onderzoek gedaan naar de relatie tussen
epilepsie en het ontstaan van cognitieve stoornissen, maar het verband is
tot nu toe onduidelijk gebleven. Een nieuwe ontwikkeling is het vanuit een
technische invalshoek onderzoeken van hersennetwerken. Zodoende kunnen
intelligentienetwerken in de hersenen worden blootgelegd.
Graaftheorie
Promovendus Maarten Vaessen bekeek met
behulp van nieuwe ontwikkelingen in MRI en beeldanalyse op een wiskundige
manier, (de zogeheten Graaftheorie*), netwerken van duizenden
knooppunten in het brein en hun onderlinge samenhang en functioneren. Door
op deze andere manier naar MRI-beelden te kijken is in de verbindingen
tussen de gebieden in de hersenen (hersenconnectiviteit) een verklaring
gevonden voor cognitieve problemen van patiënten. De belangrijkste
conclusie van het onderzoek is dat dankzij deze nieuwe benadering
afwijkingen gevonden kunnen worden die niet op een gewone MRI zichtbaar
zijn. Het tijdig opsporen van deze afwijkingen is waardevol in de
behandeling van epilepsie. Er kan dan immers worden geanticipeerd op een
cognitieve stoornis. Een vroege en adequate behandeling daarvan kan leiden
tot een betere cognitieve uitkomst op de lange termijn. In het onderzoek
van Maarten Vaassen zijn zowel volwassenen als kinderen onderzocht.
Genève
Maarten Vaessen deed zijn promotieonderzoek in
Kempenhaeghe, expertisecentrum voor epileptologie,
slaapgeneeskunde en neurocognitie. Maarten Vaessen promoveert donderdag
29 maart 2012 aan de Universiteit van Maastricht op het onderwerp
The graphity of cognitive problems in epilepsy.
Na zijn promotie zet hij op de Universiteit in Genève zijn onderzoek voort
als postdoctoraalonderzoek naar herseneffectiviteit bij mensen met multiple
sclerose en emotionele problemen.

Networks control patient: Links: gezond brein. Rechts: epilepsiepatiënt
met cognitieve problemen. De kleuren geven de locatie van de cognitieve
netwerken aan; deze zijn verstoord (verschoven) bij de
epilepsiepatiënt.

Verstoringen in het intelligentienetwerk (links brein van bovenaf,
rechts brein zij-aanzicht)
Getalswaarden
*) Met de Graaftheorie
kunnen bepaalde eigenschappen van het hersennetwerk samengevat worden in
getalswaarden. In de hersenen hebben gezonde mensen een korte padlengte,
dat wil zegen dat informatie snel door het hele brein getransporteerd kan
worden. Bij epilepsiepatiënten wijkt de padlengte af ten op zichte van
gezonde proefpersonen. In het onderzoek van Maarten Vaessen is onderscheid
gemaakt tussen patiënten met milde cognitieve klachten en patiënten met
ernstiger cognitieve klachten. Juist patiënten met ernstiger cognitieve
problemen hebben de grootste afwijkingen in parameters zoals de padlengte.
Een grotere padlengte leidt tot meer fouten in de hersennetwerken en meer
chaos in de hersenen.