De afgelopen jaren zijn we daarom diverse strategische samenwerkingen en
allianties aangegaan. Zowel met andere instellingen in de gezondheidszorg
als met universiteiten en het bedrijfsleven.
Maastricht UMC+
Eén van de meest tot de verbeelding sprekende voorbeelden is de
nauwe relatie met de Faculty of Health, Medicine en Life Sciences van de
Universiteit Maastricht. Op dit moment stemmen we intensief het beleid en
het beheer van het azM en de faculteit af met als doel om samen het
Maastricht Universitair Medisch Centrum (Maastricht UMC+) op te zetten voor
verdergaande samenwerking op het gebied van onderwijs, opleiding en
onderzoek. Kernidee van het samenwerkingsverband is de vorming van
multidisciplinaire ketens van zorg. Tevens werken we samen aan een
versterking van de positie van beide instellingen in (Eu)regionaal verband.
Daarbij besteden we met name aandacht aan de uitbreiding van mogelijkheden
voor het plaatsen van coassistenten en het maken van afspraken op het
terrein van vervolgopleidingen.
Drs. Guy Peeters, voorzitter van de Raad van Bestuur azM over het
Maastricht UMC+:
“Wij moeten in toenemende mate keuzes maken ten aanzien van
patiëntenzorg, onderwijs en onderzoek. In het azM doen we dat in onze
strategische heroriëntatie azMove. Daarin kiezen wij ook voor samenwerking.
Uitgangspunt is een versterking van succesvolle onderzoekslijnen met
bijbehorende topreferente zorg en excellent onderwijs. Het Maastricht UMC+
wordt daarom een topacademisch centrum voor patiëntenzorg, onderzoek en
onderwijs op het terrein van ziekte én gezondheid. Dit laatste aspect
krijgt vorm door de inbreng van het discipline Gezondheidswetenschappen.
Dat maakt dit UMC uniek in Nederland.”
Euregio
Het azM ligt centraal in de Euregio en bevindt zich op slechts 30
kilometer afstand van de universiteitssteden Luik en Aken, waar eveneens
academische ziekenhuizen zijn gevestigd. De samenwerking tussen de
(academische) ziekenhuizen in de Euregio op de verschillende deelterreinen
van de gezondheidszorg krijgt steeds duidelijker vorm.Inherent aan de
ambities van het azM is het verder versterken van de topreferente functie.
Strategische allianties zoals met het gerenommeerde instituut Mario Negri
en het ziekenhuis in het Italiaanse Bergamo zijn daarbij noodzakelijk. Zo
kunnen medische studenten uit Maastricht voor een klinische stage naar
Bergamo en zijn er gezamenlijke onderzoeksprojecten opgestart.
Ook dichter bij huis, en met name in de Euregio, bouwt het azM aan een
academisch netwerk. De inhoudelijke en personele samenwerking met het
Universitätsklinikum in Aken is daarvan een goed voorbeeld. Met het
Universitätsklinikum in Aken is een samenwerkingscontract gesloten op het
gebied van topklinische patiëntenzorg evenals onderzoek en opleiding op het
gebied van hart- en vaatziekten, oncologie en
transplantatiegeneeskunde.
Daarnaast beschikken het azM en het Akens academisch ziekenhuis van de
Rheinland Westfälische Technische Hochschule over één gezamenlijk
vaatcentrum, het Euregional Vascular Center. Ook vindt op dit moment in
opdracht van de Duitse deelregering een haalbaarheidsstudie plaats naar de
mogelijkheden van intensievere samenwerking voor verbreding van medische en
wetenschappelijke kennis om zo een hoogwaardiger en gevarieerder aanbod van
medische zorg te bieden aan de bewoners van de Euregio.
Univ. prof.dr. Henning Saß, Ärztlicher Direktor und Vorstandsvorsitzender
des Universitätsklinikums Aachen:
"Voor het Universitätsklinikum Aachen wapperen nu twee vlaggen. Sinds
oktober 2005 leidt prof.dr. Michael Jacobs naast het Hart- en vaatcentrum
in het azM ook de Vaatchirurgie in het Universitätsklinikum Aachen. Het
project is slechts een deel van de samenwerking tussen beide instellingen
waartoe in 2004 werd besloten. Volgens het principe van 'complementair in
plaats van concurrerend' starten we een reeks activiteiten zoals het
gezamenlijke benutten van onze resources binnen de nucleaire geneeskunde en
een overeenkomst op het gebied van de transplantatiegeneeskunde. We streven
ernaar de topacademische geneeskunde, inclusief de modernste technologieën,
in het grensgebied zeker te stellen, ondanks de krappe financiële middelen.
We kunnen door onze samenwerking de kwaliteit van de patiëntenzorg
verbeteren, maar ook de taken die academische medische centra hebben op het
gebied van onderzoek en onderwijs beter vervullen. Daarbij is ons
basisprincipe niet zozeer het uitwisselen van patiënten, maar vooral
uitwisseling van medische competenties in de vorm van artsen of door de
toepassing van telemedicine.
Het is mijn nadrukkelijke wens dat de samenwerking tussen het UKA
en het azM de kern vormt van een duurzaam, grensoverschrijdend medisch
netwerk.”
Bedrijfsleven
Ook met andere organisaties, waaronder ook commerciële partijen, zijn
allianties gesloten. Zoals met DSM en de UM voor het ontwikkelen van
biomaterialen en met Philips Research, de TU Eindhoven en de UM voor het
inrichten van het Center for Molecular Medicine (CMM). Het azM participeert
verder (met een aantal kennisinstellingen en bedrijven) in het Center for
Translational Molecular Medicine. Deze landelijke publiek-private
samenwerking wil door bundeling van krachten en expertises innovatief en
baanbrekend onderzoek verrichten op het gebied van de moleculaire
geneeskunde.
Jan Zuidam, vice-voorzitter raad van bestuur Koninklijke DSM:
“De samenwerking tussen het azM, Universiteit Maastricht en DSM, zoals
gestart in Zuid-Limburg, is buitengewoon waardevol. Er wordt gezamenlijk
gewerkt aan zaken die voor mens en maatschappij belangrijk zijn, zoals
nieuwe biomedische materialen. Want het is essentieel dat we tot innovaties
komen in de gezondheidswereld, gegeven de nieuwe en groeiende vraag,
bijvoorbeeld door de ouder wordende bevolking en de almaar stijgende
kosten. Het is mijns inziens hard nodig dat er in de keten van klant,
huisarts, ziekenhuizen, verzekeraars, inclusief toeleveranciers, innovaties
tot stand komen. Werken aan nieuwe doorbraken in de keten is veel zinvoller
dan klagen dat bepaalde schakels in het systeem niet goed werken. En laten
we ook minder nerveus doen over het transnationale karakter van het
materialenonderzoek. Het speelt zich hier in de regio allemaal af, in het
gebied Eindhoven, Maastricht, Leuven en Aken; een bolwerk van competenties,
kennis en ervaring. Dat is het perspectief dat je nodig hebt als je echt
een goede slag van kennis naar innovatieve producten wilt maken. En dat
hebben we onszelf wel beloofd.”