Ziekenhuisbacterie
Omdat ziekenhuispatiënten meestal
een verminderde weerstand hebben, bestaat het risico dat MRSA bij hen
infecties veroorzaakt. Voor zorginstellingen, zoals ziekenhuizen, vormt de
bacterie dus een grote bedreiging en MRSA's worden dan ook wel
ziekenhuisbacteriën genoemd.
In buitenlandse ziekenhuizen komen MRSA-besmettingen veel vaker voor dan in
Nederlandse ziekenhuizen. De reden daarvoor is dat in Nederlandse
ziekenhuizen antibiotica heel selectief worden voorgeschreven. Dat wil
zeggen dat bij een infectie eerst heel goed wordt onderzocht of de infectie
wordt veroorzaakt door een bacterie. Als het inderdaad om een bacteriële
besmetting gaat, wordt een antibioticum voorgeschreven dat specifiek die
bacterie doodt. In het buitenland, ook in landen als België en Duitsland,
schrijven artsen antibiotica ook voor als niet zeker is of de veroorzaker
van de infectie een bacterie is. Bacteriën raken zo gewend aan antibiotica
en worden er ongevoelig voor. Zo ontstaan MRSA's. Een andere reden voor het
verhoogde aantal MRSA-besmettingen in buitenlandse ziekenhuizen is dat
MRSA-dragers in andere landen vaak op gewone verpleegafdelingen liggen,
terwijl zij in Nederland geïsoleerd worden verzorgd. Isolatie verkleint de
kans op uitbreiding.
Ongevoelig voor de gebruikelijke antibiotica
De
MRSA-bacterie is ongevoelig voor de gebruikelijke antibiotica en is
daardoor moeilijk te bestrijden. Daarom probeert het azM verspreiding van
MRSA tegen te gaan. Wanneer u met de MRSA-bacterie bent besmet, wordt u
daarom geïsoleerd verpleegd. Dat wil zeggen dat u op een aparte kamer wordt
verzorgd en verpleegd. De deur van uw kamer blijft gesloten en u mag uw
kamer niet verlaten.
De verpleegkundigen, artsen en andere medewerkers die u behandelen, dragen
een beschermend schort, een mond/neus- kapje en handschoenen. Deze
beschermende kleding trekken zij bij het verlaten van de kamer weer uit om
verspreiding van de MRSA-bacterie naar andere patiënten te voorkomen. Uw
onderzoeken en behandelingen worden zoveel mogelijk aan het einde van de
dag gepland.
Ook mag u geen bezoek ontvangen van mensen met een verminderde weerstand en
kleine kinderen totdat de isolatie is opgeheven. Uw bezoekers moeten
tijdens het bezoek beschermende kleding dragen. Na het bezoek moeten zij
goed hun handen wassen en desinfecteren, mogen zij niet op bezoek gaan bij
andere patiënten en moeten zij direct het azM verlaten.
Deze 'strenge' voorzorgsmaatregelen zijn de enige manier om u zo goed
mogelijk te kunnen behandelen en zijn tevens noodzakelijk om te
voorkomen dat andere patiënten met een MRSA-bacterie besmet raken.
Ziekenhuisopname in het buitenland
Door het
'strenge' antibiotica- en isolatiebeleid van de Nederlandse ziekenhuizen
komt de MRSA-bacterie in Nederland weinig voor: minder dan 1% van de
mensen draagt de bacterie bij zich. In het buitenland komt de bacterie
echter veel vaker voor. Als u in een buitenlands ziekenhuis hebt gelegen,
bestaat het risico dat u de MRSA-bacterie hebt opgelopen en wordt u daarom,
voor alle zekerheid, beschouwd als besmette patiënt. Dat betekent
vaak dat uitstrijkjes (kweekjes) worden afgenomen om te
onderzoeken of u de MRSA-bacterie daadwerkelijk bij u draagt. Daartoe
worden kweekjes afgenomen van uw keel, neusslijm, bilnaad of lies en
van eventuele wondjes. Wanneer u een blaaskatheter hebt, wordt ook van uw
urine een kweek gemaakt. Als u een infuus of een wond hebt, wordt ook hier
met een wattenstaafje langs gestreken.
Vanaf de afname van de uitstrijkjes duurt het minstens vijf dagen voordat
de uitslag bekend is. Als de MRSA-bacterie niet in uw kweekjes wordt
gevonden, worden de isolatiemaatregelen opgeheven. Als uit de kweken blijkt
dat u inderdaad de MRSA-bacterie bij u draagt, wordt u gewassen met
desinfecterende zeep om te voorkomen dat u ziek wordt. De arts en de
bacterioloog bepalen samen uw verdere behandeling. Zo mogelijk krijgt u een
antibioticum dat specifiek is gericht op de bacterie die u heeft. Tijdens
de behandeling blijft u in strikte isolatie. Na de behandeling worden
nieuwe kweken afgenomen. Meestal blijkt daaruit dat de behandeling heeft
gewerkt. Strikte isolatie is dan niet meer nodig.
Ontslag uit het ziekenhuis
Het kan zijn dat u uit het
azM wordt ontslagen terwijl de MRSA bacterie nog niet helemaal is
verdwenen. Dit kan omdat er in de thuissituatie in principe weinig gevaar
voor uzelf of huisgenoten bestaat. Indien noodzakelijk wordt de behandeling
thuis voortgezet. Uw huisarts en/of de wijkverpleegkundige worden dan
hierover geïnformeerd.
Polikliniekcontrole
Als u voor controle terug komt naar de polikliniek, is het belangrijk
om bij het maken van uw poli-afspraak te melden dat u met MRSA besmet bent
geweest. De polimedewerkers kunnen daar dan rekening mee houden en uw
afspraak aan het einde van het polikliniekspreekuur plannen.
Meer informatie
Mocht u na het lezen van deze informatie nog vragen hebben dan kunt u die
altijd stellen aan uw behandelend arts. Ook kunt u contact opnemen met een
medewerker van de dienst Hygiëne en Infectiepreventie van het azM. U kunt
dan bellen naar het algemene nummer van het azM (T 043 - 387 65 43) en
vragen naar sein 7135.