© 2010 academisch ziekenhuis Maastricht |Disclaimer |Privacy Policy |Sitemap

Inleiden van de bevalling

Bij een inleiding brengt men uw bevalling kunstmatig op gang. Dit gebeurt met medicijnen die de weeën opwekken. Een inleiding vindt altijd plaats in het ziekenhuis onder verantwoordelijkheid van een gynaecoloog. De gynaecoloog adviseert meestal een inleiding wanneer verwacht wordt dat de situatie voor uw kind buiten de baarmoeder gunstiger zal zijn dan in de baarmoeder. Deze pagina bevat informatie over het inleiden van de baring en over de verschillende vormen van inleiden.

Bij inleiding wordt uw bevalling opgewekt op het moment dat de toestand van uw nog kind goed is en men verwacht dat de baby een normale bevalling kan doorstaan. Enkele veel voorkomende redenen voor een inleiding zijn serotiniteit (over tijd zijn), langdurig gebroken vliezen bij een zwangerschapsduur van meer dan 37 weken, hoge bloeddruk, groeivertraging van het kind en een verslechtering van het functioneren van de placenta (moederkoek). Een inleiding zonder medische redenen geeft een hogere kans op een keizersnede. Daarom wordt zonder medische reden bij voorkeur niet ingeleid. 

Praktische zaken

Bij inleiding van de baring wordt u 's morgens om 8.00 uur op de verloskamers verwacht. Het is verstandig thuis te ontbijten. U wordt opgenomen op een zogenaamde 'weeënkamer', waar een CTG (cardiotocogram = registratie van harttonen van uw kind en weeënactiviteit) wordt gemaakt. Na ongeveer een half uur voert de gynaecoloog een inwendig onderzoek uit. Aan de hand hiervan wordt besloten welk soort inleiding voor u het meest geschikt is. Gedurende de hele ontsluitingsperiode worden er regelmatig CTG's gemaakt om de conditie van het kind goed in de gaten te houden. Als de ontsluiting van de baarmoedermond goed vordert wordt u overgebracht naar een van de verloskamers, waar de bevalling plaatsvindt. Na de bevalling wordt, net als bij een gewone bevalling, besloten of u naar huis mag of niet. Dit is afhankelijk van de conditie van uzelf en uw kind.

Het kan soms voorkomen dat vanwege drukte op de verloskamers een inleiding niet door kan gaan. Dit zal alleen het geval zijn als dit medisch gezien ook verantwoord is. Over het algemeen zal dit tijdig met u besproken worden en wordt er direct een nieuwe afspraak gepland.

Verschillende vormen van inleiden van de baring

Welke vorm van inleiden de gynaecoloog kiest, is afhankelijk van de rijpheid van de baarmoedermond. Dit wordt beoordeeld door de gynaecoloog tijdens het eerste  toucher (inwendig onderzoek). Een toucher kan vervelend of pijnlijk zijn. Als de baarmoedermond onrijp is (dit wil zeggen dat de baarmoedermond nog stevig aanvoelt en vaak wat langer is), is er meestal nog geen ontsluiting (volledige ontsluiting betekent dat de baarmoedermond 10 centimeter open staat en is een voorwaarde om vaginaal te bevallen). De gynaecoloog zal dan kiezen voor een zogenaamde 'priming'. De gynaecoloog brengt dan, tijdens hetzelfde toucher, prostaglandines in de vagina of baarmoedermond. Prostaglandines zijn hormonen die de rijpheid van de baarmoedermond bevorderen. Ze spelen ook een rol bij het op gang komen van de bevalling. Deze priming moet men beschouwen als voorbereidend werk op een bevalling. Veel vrouwen bevallen dus niet op dezelfde dag. Als de bevalling niet op gang komt zal de gynaecoloog een nieuwe afspraak met u maken voor een tweede poging. Meestal zit hier een rustdag tussen. Prostaglandines zijn er in de vorm van een gel of een kleine tampon. De tampon blijft 12 uur zitten, de gel wordt elke paar uur ingebracht. De keuze voor het soort medicijn hangt van uw situatie af. De gel is effectiever maar kan ook tot te hevige weeën leiden. Binnenkort zullen we starten met het gebruik van een nieuw medicijn, misoprostol. Dit kan zowel in tabletvorm via de mond worden ingenomen of via de vagina worden ingebracht. Het voordeel van tabletjes via de mond is dat er minder vaak inwendig onderzoek gedaan hoeft te worden.

Als de baarmoedermond wél rijp is, voelt deze week aan, is ze meestal wat korter en is er vaak al wat ontsluiting (een tot twee centimeter). De gynaecoloog kan in dit geval de vliezen breken. Dit betekent dat u over het algemeen binnen 24 uren bevallen bent. Soms is alleen het breken van de vliezen genoeg om de weeën op gang te brengen. Als dit het geval is, wordt er een infuus ingebracht en wordt medicatie (oxytocine) toegediend om de weeën op te wekken. Na het starten van de inleiding is het verloop van de bevalling in principe hetzelfde als bij een normale bevalling. De weeën worden langzaamaan heviger en pijnlijker.