Stellen met een erfelijke ziekte kunnen via
IVF proberen zwanger te worden van een embryo dat is getest op de
afwijking.
Deze ingrijpende behandeling wordt vaak verkozen boven 'gewoon' zwanger
worden en bij ziekte aborteren.
In het academisch
ziekenhuis in Maastricht wordt Preïmplantatie
Genetische Diagnostiek uitgevoerd. FOTO JOOST HOVING
Barbara Kempenaar (30) heeft altijd al graag kinderen willen
hebben. Maar ze werd maar niet zwanger. Na onderzoek bleek haar man
verminderd vruchtbaar te zijn omdat hij een translocatie heeft. Kort
gezegd komt het er op neer, dat er een fout zit in zijn
chromosomen.
Als gevolg van deze afwijking zal bijna iedere foetus die na een
bevruchting ontstaat, óók chromosoomfouten hebben. Daardoor zullen alle
zwangerschappen tenslotte uitmonden in een miskraam. Bij Barbara komt het
niet eens tot een zwangerschap.
Voor Barbara en haar man is PGD (Preïmplantatie Genetische
Diagnostiek) nog de enige optie. Dit is een IVF-behandeling, waarbij
bevruchte embryo's al in een heel vroeg stadium worden getest op de
translocatie (of, bij andere patiënten, een ernstige erfelijke ziekte
waarvan een van de ouders drager is). Vervolgens wordt alleen een gezond
embryo teruggeplaatst in de baarmoeder.
Een heel zware behandeling, vindt Barbara. ,,Het spuiten van de
hormonen valt wel mee, en de punctie van de eicellen ook. Het erge is
het steeds afwachten of er genoeg deugdelijk zaad is en of zich embryo's
vormen. ,,En dan het afschuwelijkste: het wachten op de uitslag. Dat is
zenuwslopend want je hebt geen enkele zekerheid.''
De twee behandelingen die Barbara achter de rug heeft, zijn
allebei mislukt. ,,Iedere keer ben ik daar een week ziek van geweest,
geestelijk en lichamelijk,'' vertelt ze. ,,Maar we gaan door. In januari
onderga ik de derde poging. Het is onze enige kans op een kindje van
onszelf en die kans wil ik grijpen.''
Het academisch ziekenhuis Maastricht (azM) is het enige
ziekenhuis in Nederland met een PGD-afdeling. Hier worden jaarlijks
honderd patiënten behandeld die een translocatie hebben of een hoge kans
dat zij een ernstige erfelijke ziekte aan hun kind doorgeven.
Ook mensen die op de natuurlijke manier kinderen kunnen krijgen kiezen soms
voor PGD. Voor hen is het alternatief namelijk prenatale diagnostiek.
Hierbij wordt de vrucht na een aantal weken zwangerschap getest op een
erfelijke ziekte. Is de uitslag afwijkend, dan is de keuze voor een abortus
vaak onvermijdelijk. Abortus plegen vinden mensen vaak belastender dan het
selecteren van achtcellige foetussen.
De keuze tussen prenatale diagnostiek en PGD is om meer redenen
ingewikkeld. Je kiest bij PGD voor een heel zware behandeling met weinig
kans op succes. Ten eerste heb je met IVF minder kans om zwanger te
raken dan iemand die het op de natuurlijke manier probeert, omdat er
maar drie pogingen worden gedaan. Na een geslaagde poging heb je nog
evenveel kans als ieder ander op een miskraam: twintig procent.
Tenslotte is er bij sommige aandoeningen een groot risico dat geen van
de bevruchte embryo's gezond is.
Dan maar zelf proberen en gokken op een gezond kind, denken sommige
patiënten. Om drie, vier abortussen of talloze miskramen later toch maar
terug te komen in het azM. Want als PGD lukt, is er wel de zekerheid van
een. ,,Zo blijven mensen soms twijfelen,'' zegt klinisch geneticus
Christine de Die. ,,Want er is weinig zo persoonlijk in het leven als de
keuze hoe en wanneer men zich voortplant.''
Volgens de Gezondheidsraad zouden ieder jaar driehonderd
patiënten een PGD-traject willen volgen. Dus ligt het aantal van honderd
patiënten dat nu naar het azM gaat te laag. Patiëntenorganisaties klagen
dat het de afstand is, die potentiële patiënten doet afzien van PGD.
Regelmatig naar Maastricht reizen is voor sommigen lastig.
Om tegemoet te komen aan deze kritiek opende het azM onlangs
een PGD-afdeling in het Universitair Medisch Centrum Utrecht (UMCU. ,,We
zullen nu zien of afstand inderdaad meespeelt bij de keuze voor PGD,''
zegt prof. dr. Joep Geraedts, hoofd van de afdeling Klinische Genetica
van het azM. ,,Maar ik denk het niet. Als je in zo'n situatie zit als
onze patiënten dan speelt afstand echt geen rol .''
Het azM koos ook voor samenwerking met Utrecht omdat er meer
concurrentie dreigt. Ook het Academisch Medisch Centrum (AMC) in
Amsterdam overweegt de opening van een PGD-afdeling komend voorjaar en
gaat nu na of daar behoefte aan is.
Het nieuws van de komst van de Utrechtse afdeling laat het AMC
onberoerd. ,,Het AMC wacht nu eerst de uitslagen van het onderzoek af,''
zegt een woordvoerder. ,,Als blijkt dat mensen om niet-medische redenen,
zoals de reisafstand niet voor PGD kiezen, dan gaat het AMC ermee
beginnen.''
Volgens de artsen in het azM kiezen soms minder mensen voor PGD
dan verwacht. ,,Een tijd geleden ontwikkelden we een test voor mensen
met spinale spieratrofie, een ernstige spierziekte,'' aldus Geraedts.
,,Uiteindelijk hebben we maar een paar van deze patiënten op de afdeling
gehad. Ze maakten liever gebruik van prenatale diagnostiek. Het afbreken
van een zwangerschap vinden mensen een stuk minder emotioneel belastend
als ze weten dat het kind kort na de geboorte sterft, of geen kans op
een normaal leven heeft.''
Een ander hardnekkig kritiekpunt van de patiëntenvereniging
betreft de wachtlijst voor PGD. Die zou lang zijn.
Barbara Kempenaar meldde zich in 2004 in Maastricht en kreeg
pas een jaar later, eind 2005, groen licht om te beginnen. De eerste
behandeling kreeg ze in maart 2006. Volgens dr. De Die gaat het hier
echter niet om een wachtlijst maar om wachttijd. ,,Eerst hebben mensen
bedenktijd nodig. Vervolgens moet er veel onderzoek worden gedaan. Hoe
complexer de aandoening van de patiënt is, hoe langer het duurt voor wij
daarvoor een test hebben ontwikkeld. Er zijn zoveel verschillende
ziektes, dat het soms heel moeilijk is. Daarnaast willen we de beste
kwaliteit.''
Soms is het lastig te bepalen wie wel en niet voor PGD in
aanmerking komen. Stellen die het geslacht van hun kind willen bepalen
natuurlijk niet. Mensen met zeer ernstige aandoeningen, zoals de ziekte
van Huntington of Duchenne natuurlijk wel. Maar mensen met blindheid in
de familie? ,,Hier hebben we met de commissie die patiënten toelaat
pittige discussies over,'' vertelt professor Geraedts. ,,We nemen ook
andere factoren in overweging. Zoals: op welke leeftijd zou het kind
blind worden? Hoe ervaren ouders de blindheid zelf? Tast het de
kwaliteit van leven aan en hoezeer?''
De naam
Barbara Kempenaar is gefingeerd.