© 2010 academisch ziekenhuis Maastricht |Disclaimer |Privacy Policy |Sitemap

Bloedsomloop

Tijdens de zwangerschap vinden een aantal veranderingen plaats in de bloedsomloop van een zwangere vrouw. Het is inmiddels bekend dat deze aanpassingen soms al heel vroeg in de zwangerschap anders dan 'normaal' verlopen bij vrouwen die zwangerschapsvergiftiging krijgen.

Tijdens de zwangerschap neemt de hoeveelheid vocht in de bloedbaan toe. De toename van de totale hoeveelheid vocht in de bloedbaan blijft achter bij vrouwen die zwangerschapsvergiftiging krijgen. Het lijkt erop dat als gevolg hiervan de bloedvaten zich vernauwen om de bloeddruk op peil te houden. Daarnaast wordt vaker gezien dat het hart meer liters bloed per minuut rondpompt dan normaal. Waarschijnlijk zijn de bloedvaten bij vrouwen met zwangerschapsvergiftiging ook minder elastisch, waardoor ze minder gemakkelijk kunnen verwijden en dus minder gemakkelijk aanpassen aan de veranderingen in de bloedsomloop. 

Het gevolg van beide verschijnselen is dat het bloed relatief snel door vernauwde bloedvaten wordt gepompt, waardoor de vaatwandcellen eerder beschadigd zullen raken en zwangerschapsvergiftiging kan ontstaan. Daarnaast zullen hierdoor eerder klonteringen van bloedplaatjes optreden waardoor weer stolsels kunnen ontstaan. Het lijkt aannemelijk dat deze verschijnselen van een verminderd bloedvolume, een verhoogde pompsnelheid van het hart en minder elastische bloedvaten, de kans op hoge bloeddruk in de zwangerschap vergroten. 

Bij vrouwen met zwangerschapsvergiftiging of de kans hierop, zou het mogelijk kunnen zijn dat een behandeling met aspirine in de zwangerschap een vermindering van de kans op zwangerschapsvergiftiging geeft. Hetzelfde zou het geval kunnen zijn voor geneesmiddelen die de bloeddruk verlagen of het hart minder hard laten pompen. Voor beide behandelingen geldt dat deze nog experimenteel zijn. Ze zijn veilig voor moeder en kind, maar het is nog niet aangetoond dat deze behandelingen ook daadwerkelijk nut hebben. Totdat verder onderzoek hierop het antwoord geeft is het dus moeilijk uitspraken te doen over de preventieve behandeling met deze geneesmiddelen.