© 2010 academisch ziekenhuis Maastricht |Disclaimer |Privacy Policy |Sitemap

Hoge bloeddruk dóór de zwangerschap

Wanneer de bloeddruk ná 20 weken zwangerschap ontstaat en bínnen 6 weken na de bevalling weer verdwijnt, spreekt men over zwangerschapsafhankelijke hoge bloeddruk, zwangerschaps hoge bloeddruk of zwangerschapshypertensie. De afkorting PIH kunt u ook aantreffen. Hiermee wordt ook zwangerschapshypertensie bedoeld, maar wordt de afkorting van het Engelse 'pregnancy induced hypertension' gebruikt.

Hoge bloeddruk dóór de zwangerschap is, in tegenstelling tot pre-existente of chronische hypertensie, niet vóór de zwangerschap aanwezig, maar ontstaat in de zwangerschap. Soms is er sprake van alleen hoge bloeddruk. Er bevinden zich dan geen eiwitten in de urine. Er wordt in dat geval ook wel gesproken over een geïsoleerde hypertensie. In andere gevallen kan er pre-eclampsie ontstaan, waarbij er eiwitverlies in de urine ontstaat. 

Men spreekt van hoge bloeddruk dóór de zwangerschap als de bloeddruk na de 20e zwangerschapsweek stijgt tot een bovendruk van meer dan 140 (mmHg) of tot een onderdruk van meer dan 90 (mmHg). Als de onderdruk niet boven de 90 komt maar wel met meer dan 15 stijgt ten opzichte van de bloeddrukwaarde aan het begin van de zwangerschap, spreekt men ook van zwangerschaps hoge bloeddruk. Hetzelfde geldt als de bovendruk niet boven de 140 komt maar wel met meer dan 30 stijgt ten opzichte van de waarde aan het begin van de zwangerschap.  Bijvoorbeeld: een zwangere vrouw heeft aan het begin van haar zwangerschap een bloeddruk van 100 bovendruk en 60 onderdruk en de verloskundige of arts meet tijdens de 25e week 2x een onderdruk van 80. De onderdruk is dan niet boven de 90 gestegen maar wel met meer dan 15 toegenomen. In dit geval is er dus toch sprake van zwangerschaps hoge bloeddruk.

Zwangerschaps hoge bloeddruk kan met klachten gepaard gaan en kan ook gevolgen hebben voor de werking van de moederkoek. Over het algemeen zijn de gevolgen echter minder ernstig dan bij pre-eclampsie of het HELLP-syndroom.