De meeste klachten die door zwangerschapsvergiftiging worden veroorzaakt
verdwijnen na de bevalling weer, hoewel het soms meerdere jaren kan duren
voordat men zich weer helemaal fit voelt. Meestal houdt men aan
zwangerschapsvergiftiging geen blijvende schade over aan nieren, lever of
andere organen.
Ondanks deze gunstige vooruitzichten voor de verschillende organen, is het
zo dat na de zwangerschapsvergiftiging lange tijd klachten
kunnen blijven aanhouden. Dit heeft te maken met het lichaam dat, na
ernstig ziek te zijn geweest, weer moet herstellen. Veel vrouwen met een
ernstige zwangerschapsvergiftiging bevallen door middel van een
keizersnede, en ook dit is van invloed op de lichamelijke toestand. Maar
anderzijds spelen ook andere factoren een belangrijke rol.
Veel moeders (en vaders) na zwangerschapsvergiftiging hebben namelijk een
kind gekregen dat gedurende lange tijd (weken tot maanden) in de
couveuse verblijft. Tijdens die couveuseperiode zullen er met het kind vaak
grotere en kleinere problemen zijn van medische, sociale en praktische
aard. Al deze problemen komen nog eens bovenop de toch al matige
lichamelijke toestand. Het is daarom niet vreemd, dat een moeder deze zware
last niet zomaar kan dragen en zich dus gedurende langere tijd niet fit zal
voelen.
Naast de moeders die problemen ervaren met een te vroeg en te
klein geboren kind, zijn er ook moeders die helemaal geen kind meer hebben.
Want bij zwangerschapsvergiftiging komt het helaas voor dat het kind
in de buik of na de bevalling komt te overlijden. Het verdriet en de
verwerking van dit verdriet is ook een zware belasting voor de
ouders.
Al deze factoren kunnen er toe lijden dat men soms tot drie jaar na de
bevalling allerlei klachten houdt, zoals ernstige vermoeidheid,
lusteloosheid, duizeligheid en oogklachten.